Visualisatie binnen business analytics

Stuurinformatie is niet meer weg te denken uit de moderne managementwereld. In de praktijk kom je echter nog steeds in overvloed dashboards en rapportages tegen waarbij uitleg noodzakelijk is om de visualisatie te doorgronden. Tijd voor een kritische vraag:

besteed jouw organisatie voldoende aandacht aan de juiste presentatie van informatie?”

Stuurinformatie wordt op allerlei manieren gebruikt; van strategische managementrapportages tot operationele waarschuwingen op machines. Daarbij worden twee vragen (binnen de wetenschap) frequent gesteld:

2. Betrouwbaarheid: is de informatie juist?

De sturende gedachte is hierbij betrouwbaarheid en juistheid. Klopt de informatie met wat de eindgebruiker verwacht? Welke definities en bronnen zijn gebruikt? Op welk moment is de informatie samengesteld, welke filters zijn toegepast et cetera? Middels juist gebruik van metadatering en triangulatie is de betrouwbaarheid vast te stellen en te verhogen.

2. Validiteit: is het voor mij de juiste informatie?

De tweede categorie gaat over het functioneel gebruik van de informatie. Is de informatie die ik zie ook de informatie die ik nodig heb? Gebruik van informatie heeft altijd een doel. Het wordt gebruikt om handelen te ondersteunen en om kennis te vergaren. Om de juiste informatie beschikbaar te krijgen moet worden gekeken hoe de informatie wordt gebruikt in de processen.

In de praktijk onderken ik een derde categorie die ik graag kort willen toelichten.

3. Is de weergave de juiste?

Als de betrouwbaarheid en de validiteit van de informatie is vastgesteld kan worden gekeken naar weergave (en toegang). Ik ben voorstander van het reduceren van complexiteit waar mogelijk, door: minimalistisch ontwerpen, vertellen wat je toont, en storytelling.

  • Minimalistisch ontwerpen. De eerste stap daarin is een minimalistisch ontwerp waar mogelijk: dus geen schaduwen, borders 3D-effecten en geen pie-charts. Wat we wel willen is voldoende en effectieve witruimte en coherent kleurgebruik van alle grafieken. Voor inspiratie raad ik Stephen Few aan.
  • Vertellen wat je toont. De tweede stap is toelichten wat je toont. Als de lezer niet direct weet waar hij naar kijkt dan creëer je twijfel. Selecties en filters hebben impact op welke data je toont en bronnen en definities bepalen wat je toont. Deze informatie weergeven kan helpen duidelijkheid te verhogen. Gebruik het waar nodig!
  • Storytelling. De laatste stap is storytelling. Zorg dat je controle houdt over het verhaal wat je wilt vertellen. Dit doe je door vooraf goed na te denken over het “wat” en door in de uitvoering over “hoe”. Groepeer bijvoorbeeld grafieken, gebruik detailniveau en complexiteit van grafieken en denk na over horizontale en verticale verhaallijnen.

Willem-Jan Swiebel

Meer lezen

Menu